Wat zijn macro’s

Geplaatst op Geplaatst in Blog

Macronutriënten of te wel…macro’s . Je leest het overal, maar wat zijn het nu precies, welke kun je onderscheiden en wat doet het voor ons lichaam?

Wat zijn macro’s?

Voeding bestaat uit verschillende voedingsstoffen, oftewel nutriënten. Deze voedingstoffen kun je onderverdelen in micro- en macronutriënten. Micro’s zijn stofjes die in hele kleine mate in onze voeding zitten, onder andere: vitamines en mineralen. De macro’s zijn voedingstoffen die in grotere hoeveelheden voorkomen in onze voeding. Je hebt drie soorten macro’s:

  • Koolhydraten
  • Eiwitten
  • Vetten

Macro’s leveren energie maar ze hebben allemaal ook hun eigen functie.

Koolhydraten

Koolhydraten leveren energie. Eén gram koolhydraten staat gelijk aan 4 calorieën. Eigenlijk zijn koolhydraten niets anders dan suikers, ook wel sachariden genoemd. ‘Suikers?! Die zijn toch hartstikke slecht?!’ We worden door de media en allerlei “health goeroe’ als Sonja bakker bang gemaakt voor koolhydraten. Er word gezegd dat je dik word van koolhydraten maar dat klopt niet helemaal. Je wordt dik van een te hoge calorie inname. Of die kcal nou bestaan uit koolhydraten, vetten en of eiwitten maakt weinig verschil.  Teveel kcal = aankomen.

Eiwitten

Eiwitten of proteinen zijn belangrijke bouwstenen voor ons lichaam. Dat is zeker het geval als je fanatiek bezig bent met krachttraining; je hebt dan meer eiwitten nodig dan de niet-sporter, omdat deze bijdragen aan de groei en instandhouding van je spieren. Net als koolhydraten leveren ook eiwitten 4 calorieën per gram.

Eiwitten zijn opgebouwd uit aminozuren. Eigenlijk zijn eiwitten grote moleculen die opgebouwd zijn uit kleinere moleculen; de aminozuren. Aminozuren zijn de bouwstenen voor de eiwitcellen in het lichaam. In totaal zijn er 22 verschillende aminozuren. Hiervan kan het lichaam er zelf 13 aanmaken; dit zijn niet-essentiële aminozuren. De andere 9 zijn essentiële aminozuren, die je uit voeding moet halen.

Je lichaam bestaat voor ongeveer 15% uit eiwitten. Alle cellen van ons lichaam bevatten eiwit; dit geldt voor de spieren en organen, het zenuwstelsel, de botten en het bloed. Elke keer dat je zwaar traint loopt je spierweefsel schade op. Er ontstaan als het ware kleine scheurtjes in je spierweefsel. Eiwitten ondersteunen het herstel van je spieren na fysieke inspanning. Daarom wordt er altijd gehamerd op het belang van eiwitten na het sporten; hoe sneller jij je eiwitten binnenkrijgt, hoe eerder je spieren kunnen beginnen met herstellen. Door de schade die je spieren steeds oplopen en het herstellen daarvan ontstaat spiergroei.

Je kunt eiwit uit zowel dierlijke als plantaardige voeding halen. Dierlijke bronnen van eiwit zijn bijvoorbeeld kip, rundvlees, vis, kaas en eieren. Plantaardige eiwitbronnen zijn onder andere granen, peulvruchten, champignons en noten. Omdat het als sporter vaak moeilijk is om alle eiwitten die je dagelijks nodig hebt uit voeding te halen, kiezen veel sporters er voor om proteine shakes te gebruiken. Deze kunnen je helpen om makkelijker en sneller in je eiwitbehoefte te voorzien.

Vetten

Vaak zijn we een beetje bang voor vetten; daar word je toch dik van?! We associëren vet dan ook vaak met patat, hamburgers of chips. Maar vetten zijn, net als de overige Macro’s erg belangrijk voor ons lichaam. Ze leveren niet alleen energie maar ze doen nog meer dan dat. Het werkt als isolatie voor je lichaam, het zorgt ervoor dat je lichaam op temperatuur blijft, maar ook beschermd het je organen. Vet is ook nodig om de vitamine A, D, E en K op te nemen, de zogenoemde in vet oplosbare vitamines. Wanneer je te weinig vetten eet kun je een tekort krijgen aan deze vitamines. Vetten leveren net als koolhydraten ook energie, namelijk 9 kcal per gram.

Verzadigde vetten worden vaak de ‘slechte’ vetten genoemd, omdat een teveel van deze vetten door je lichaam wordt opgeslagen op ongunstige plaatsen zoals bijvoorbeeld je slagaders. Hierdoor wordt je bloedcholesterol verhoogd en bestaat de kans dat je bloedvaten dichtslibben. Onverzadigde vetten worden juist de ‘goede’ vetten genoemd. Deze vetten houden je bloed dun en verlagen je cholesterolgehalte. Alle voedingsmiddelen die vetten bevatten, bevatten meestal een combinatie van verzadigde en onverzadigde vetten, de verzadigde en de onverzadigde. De onverzadigde vetten zijn de gezonde vetten.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *